Straks zit je oude tv in je nieuwe koelkast

« OVERZICHT

Paul Koolbergen, Manager Inzameling & Recycling, AEB & Marcel Gorris, Commercieel manager, Port of Amsterdam

Ja, het zou zomaar kunnen dat er materialen uit je oude tv in je nieuwe koelkast zitten. Want als je apparaten wegbrengt naar een recyclepunt in de stad, gaan ze naar het Recycling Service Centrum in de Amsterdamse haven. Daar haalt grondstoffen- en energiebedrijf AEB Amsterdam ze uit elkaar. En zo verandert er in de haven heel veel van jouw afval in een waardevolle grondstof.

Wat komt er zoal in het Recycling Service Centrum terecht?

Paul Koolbergen: Hier komen oude koelkasten aan, gasfornuizen, tv’s, ovens, camera’s, magnetrons – alles wat je wegbrengt naar een van de zes Recyclepunten in Amsterdam en omgeving.

 

We sorteren alle materialen, die vervolgens weer naar andere bedrijven gaan. Dit zijn recyclebedrijven die gespecialiseerd zijn in het verder verwerken van bijvoorbeeld koelkasten, lampen en banden. Ook knippen we de kabels van de elektrische apparaten en halen hier het koper uit. De metaalsoorten die de burgers wegbrengen naar de Recyclepunten sorteren we bij het Recycling Service Centrum nog verder uit.

Alle waardevolle materialen die we uitsorteren en terugwinnen, worden opnieuw gebruikt. Dat betekent dat we minder metalen uit mijnen hoeven te halen.

Dat klinkt als heel veel werk, is dat ook zo?

Paul: Ja, wij werken hier met nu zo’n 80 mensen. Dit zijn allemaal mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We leiden ze hier op, zodat ze weer een baan hebben. Dat deden we al jaren op een terrein in de buurt van de haven. Omdat we wilden groeien, zijn we gaan praten met Havenbedrijf Amsterdam. Die heeft voor ons een geschikte locatie kunnen vinden met een lage huurprijs. Zodoende kunnen we hier de komende jaren gaan uitbreiden naar een team van 150 mensen.

Waarom helpt de haven AEB Amsterdam met dit project?

Marcel Gorris: Omdat wij dezelfde doelstellingen hebben als AEB Amsterdam wat betreft de circulaire economie en het verduurzamen van de maatschappij. We zijn dus natuurlijke partners van elkaar. Net als AEB Amsterdam zetten wij in op de circulaire economie: het omzetten van afvalstromen in waardevolle nieuwe grondstoffen.

 

Daarom zitten hier in de haven meer bedrijven die wel bij een stad horen, maar die beter niet meer in de stad zelf kunnen zitten. Waterzuivering bijvoorbeeld, en grote bouwbedrijven, asfalt- en betonfabrieken. De stad heeft deze bedrijven nodig, maar ze nemen veel ruimte in en produceren bijvoorbeeld geluid, of stof en geuren. Het haven- en industriegebied heeft er de ruimte voor en ze leveren hier geen overlast op omdat er nauwelijks woningen in het gebied staan.

Gaat al het afval naar het Recycling Service Centrum?

Paul: Nee, láng niet alles. Het afval dat je op straat in een container doet, haalt de gemeente Amsterdam op. Amsterdam alleen al produceert 80 tot 100 vrachtwagens aan afval per dag. In totaal komen er dagelijks wel 600 vrachtwagens afval bij AEB Amsterdam, uit Amsterdam en omliggende gemeenten.

 

Voorheen haalden we hier voornamelijk elektriciteit en warmte uit, door het afval te verbranden in verbrandingsovens. De warmte wordt gebruikt voor stadsverwarming en de elektriciteit leveren we aan het elektriciteitsnetwerk. Sinds eind 2017 hebben we een machinale sorteerinstallatie, die uit het huishoudelijke restafval eerst nog bruikbare materialen terugwint. Vooral allerlei soorten plastic, maar ook papier, drankverpakkingen en metalen.

Zorgt het havenbedrijf er ook voor dat alle bedrijven in de haven hun afval scheiden?

Marcel: De bedrijven in de haven hebben er zelf belang bij om hun afvalstromen zoveel mogelijk te scheiden, omdat ze dan minder hoeven te betalen voor het afvoeren van restafval. En andere bedrijven in de haven kunnen weer iets met het afval. We kijken nu bijvoorbeeld naar een plek in de haven voor twee bedrijven die van plastic afval weer nieuwe producten maken.

Wat maken die bedrijven in de haven dan van plastic afval?

Marcel: Het ene bedrijf maakt van plastic een olieproduct, dat weer te gebruiken is als brandstof. Daardoor hebben we weer minder aardolie uit de grond nodig. Het andere bedrijf heeft een methode ontwikkeld om de stroom aan plastic afval verder te scheiden. Er zijn namelijk heel veel soorten plastic. Doordat dit bedrijf ze van elkaar scheidt, kunnen ze veel beter hergebruikt worden.

 

Met zulke bedrijven in de haven creëren we ketens: het ene bedrijf produceert afval en het andere maakt er weer een waardevolle grondstof van. Dat bedoelen we met de circulaire economie.

Nu AEB Amsterdam een sorteerinstallatie heeft om plastic te scheiden, kan ik zeker weer alles in één vuilniszak gooien?

Paul: Nee, zeker niet! Het is juist héél belangrijk dat afval zoveel mogelijk aan de bron wordt gescheiden. Want dan is het nog droog en schoon, en kun je het heel goed weer hergebruiken. We zien er soms bijvoorbeeld nog heel veel papier in zitten. ‘Wat zonde!’ denk ik dan.

 

De waarde ervan is namelijk veel kleiner als je het niet scheidt – het is vies en nat. Hoe schoner het is, hoe meer je er nog mee kunt doen. Dus papier, glas, textiel, plastic – scheid het zoveel mogelijk aan de bron: bij jou thuis.

Waarom is de circulaire economie belangrijk voor de haven?

Marcel: De gemeente Amsterdam heeft als doelstelling om vóór het jaar 2050 de economie in de stad circulair te maken, en ervoor te zorgen dat de stad geen CO2 meer uitstoot. De gemeente is eigenaar van de Amsterdamse haven, en daarom willen ook wij als haven volop bijdragen aan het halen van deze doelstelling.

 

Het halen van dit doel is ook belangrijk omdat we eenvoudigweg niet op de oude manier kunnen doorgaan. Grondstoffen raken op, afvalbergen groeien en we stoten CO2 uit, waardoor de aarde opwarmt en de zeespiegel stijgt. Dat tij kunnen we alleen keren als we ons vanuit alle kanten van de economie en de maatschappij inzetten.

 

De circulaire economie biedt ook kansen voor de haven. Nieuwe bedrijven vestigen zich in het gebied en bestaande groeien door het werken met gescheiden afvalstromen uit stad en regio. Ook internationaal biedt dit weer kansen voor een logistiek knooppunt als de haven, want de teruggewonnen grondstoffen kunnen hier weer goed vervoerd worden naar andere landen.

Wat doet de haven dan nog meer om kringloopeconomie te creëren?

Marcel: Daar dragen we op allerlei manieren aan bij. De stad groeit, en heeft daardoor in de toekomst een grote behoefte aan warmte. Daarom levert AEB Amsterdam ook warmte die vrijkomt bij de afvalverwerking aan de stadsverwarming. Die vraag naar warmte stijgt in de toekomst, omdat we als land geen gas meer willen gebruiken, want ook dat veroorzaakt CO2-uitstoot. Daarom kijken we met AEB Amsterdam naar andere manieren om meer warmte te creëren, bijvoorbeeld met houtsnippers, ook weer uit reststromen.

Maar als we houtsnippers verbranden, blijven we wel CO2 uitstoten, of niet?

Marcel: Ja, dat is waar – alleen hebben de bomen die de biomassa opleveren eerst ook CO2 opgenomen. Daarom kan verbranding van biomassa ook CO2-neutraal zijn. Maar: we stimuleren ook bedrijven die CO2 afvangen. Dat brengt ons weer dichter bij het doel voor 2050.

CO2 afvangen? En waar gaat het dan naartoe?

Marcel: Boeren die groenten en fruit in kassen telen, kunnen het gebruiken om hun opbrengst te verhogen. Want planten hebben juist weer CO2 nodig. De telers gebruikten hier tot nu toe ook al CO2 voor, door aardgas te verbranden. Dat hoeven ze nu niet meer te doen, behalve in de winter om de kas te verwarmen. En ook daar willen de telers vanaf.

 

En de chemische industrie kan van CO2 ook weer nieuwe stoffen maken. De chemische industrie maakt allerlei producten die we als consumenten ook gebruiken. Kunststof bijvoorbeeld, en zeep en cosmetica. Dat gebeurt nu vaak op basis van fossiele grondstoffen als aardolie en gas. CO2 is hiervoor een duurzaam alternatief.

 

Zulke bedrijven willen we stimuleren. We hebben bijvoorbeeld samen met AEB Amsterdam en Waternet een organisatie opgericht dat bedrijven uitdaagt om met oplossingen te komen: de Circular Challenge.